De film “Son of Saul” bestrijkt twee dagen in het leven van Saul Auslander, een Hongaarse gevangene die als lid van het Sonderkommando in één van de crematoria van Auschwitz werkt.

Saul moest als Sondercommando de kostbaarheden uit de kleding halen van de mensen die op datzelfde moment vergast werden. Het gegil en het gebonk op de deur was op de achtergrond hoorbaar. Nadat ‘de klus’ was geklaard gingen de deuren naar de gaskamers open en moest Saul samen met andere gevangenen alle lichamen opruimen en de ruimte vervolgens schoon schrobben voor de volgende groep Joden die al klaar stond.

Stukken vlees

De “stukken”, zoals de lichamen werden genoemd gingen vervolgens de oven in. Na de verbranding werd het as met vrachtwagens naar de rivier gebracht, waar een andere ploeg klaar stond het as in het rivierwater te scheppen.

Op een gegeven moment was de aanvoer Joden zo groot dat de ovens het niet meer aankonden. Dat werd opgelost door buiten een grote brandstapel te maken en de Joden één voor één, aan de lopende band, een kogel in het hoofd te schieten en de lichamen op de brandstapel te gooien.

Saul ziet tijdens het opruimen van de lichamen een kind van een jaar of 10, 11 dat nog ademt. Het jongetje wordt meegenomen, waarna een commandant de keel dichtknijpt van het kind en sommeert hem naar de arts te brengen voor autopsie. Dit grijpt Saul zo aan, en hij ziet het kind als de zoon die hij nooit heeft gehad, en stelt zichzelf het doel de jongen een fatsoenlijke Joodse begrafenis te geven met medewerking van een Rabbi.

Haat

Er zijn ontelbaar veel films gemaakt over de gruwelijkheden uit de Tweede Wereldoorlog, en iedereen heeft de beelden wel eens gezien. Beelden van van de massagraven, van de overlevenden die meer dood dan levend waren. Afschuwelijke gebeurtenissen die zijn ontstaan door haat. Haat jegens andere bevolkingsgroepen. Na de oorlog dachten we dat we verstandig waren en zeiden tegen elkaar: “Dit nooit meer!” Ik haat maar één ding, en dat is haat zelf, want haat is de veroorzaker van alle oorlogen en aanslagen.

Ik kan niet begrijpen hoe je iemand zo erg kunt haten dat je bereid bent om mensen dit aan te doen. In wat voor geestelijke toestand moeten die mensen geleefd hebben, dat het vergassen van onschuldige mensen een onderdeel is van een normale werkdag, en dat de dode lichamen worden gezien als niet meer dan een stuk vlees?

Ik zie de laatste tijd steeds meer haat om mij heen. Haat jegens complete bevolkingsgroepen. Op social media worden de gaskamers nog regelmatig genoemd als eventuele oplossing voor moslims, vluchtelingen of andere ‘problematische’ bevolkingsgroepen. Tijdens het kijken naar deze film moest ik er een paar keer aan denken…Stel je voor dat…..we hebben gezien waar mensen tot in staat zijn…nee, het zal toch niet? Het kan niet, we hebben geleerd van de oorlog, toch?